Zoeken
We zitten sinds najaar 2008 in een ernstige financiele crisis. De gevolgen liegen er niet om. Er gaat van alles failliet, mensen verliezen hun werk, aandelen/huizen/pensioenen worden minder waard. Maar al te reële gevolgen. En toch: eigenlijk is het allemaal toneelspel. Drama. Een Griekse tragedie, zo u wilt. Waarom? Omdat het slechts gaat om financiën. De essentie van ons financiele systeem is vertrouwen. En dat ontbreekt. Daar zijn allerlei begrijpelijke redenen voor. Er is veel gesjoemeld en bedrogen. Maar hoe moeilijk het ook is en zal zijn: vertrouwen kun je herstellen. Als het landen lukt om goede, overtuigende, krachtige internationale afspraken te maken, dan is dat een basis waarop bedrijven en burgers weer zekerheden kunnen gaan bouwen en vertrouwen kunnen krijgen.
In de zeventiger jaren heerste in Latijns Amerika een financiele crisis waarbij de huidige Europese een vacantie-uitje was. De inflatie bedroeg duizenden procenten per jaar. Als mensen hun salaris uitbetaald kregen, renden ze daarmee onmiddellijk naar de dichtstbijzijnde winkel om er koffie, rijst en bonen van te kopen. Tijdens het hollen was hun geld alweer een paar procent minder waard geworden (en de waarde van die goederen steeg tenminste mee met de inflatie). De economische ravage was enorm. Talloze bedrijven gingen ten onder, de menselijke ellende was niet te beschrijven.
Die Latijnsamerikaanse crisis is opgelost. De banken (die lichtzinnig veel te veel hadden uitgeleend zonder deugdelijk onderpand, speculerend op de internationale gemeenschap die ze wel te hulp zou komen –wat deels ook gebeurde: l’histoire se repete…) moesten een flink deel van hun schulden ‘afstempelen’. En inderdaad, de internationale gemeenschap dokte flink ook mee. Met positief resultaat: Brazilie is een van ’s werelds stevigste en snelst groeiende economieen -met een aantal van alle nadelen van dien, overigens, en bovendien is de verdeling van welvaart nog steeds zeer scheef. Maar de samenleving als zodanig staat weer op de rails. Dankzij krachtig beleidsmatig ingrijpen. Afspraken.
Geheel anders ligt dat met de ecologische crisis, waarvan de contouren steeds scherper zichtbaar worden: uitsterven van plant- en diersoorten, uitputting van natuurlijke en minerale grondstoffen, verontreiniging, habitatvernietiging, klimaatverandering. Als daarbij eenmaal ‘tipping points’ zijn gepasseerd, is er geen houden meer aan. En het lastige is, dat niemand weet wanneer of onder welke condities die tipping points zich voordoen. Noch of de ingrijpende gevolgen daarvan zich geleidelijkaan danwel abrupt zullen voordoen. In de praktijk (in ons ‘beleid’) gaan we graag uit van het eerste –want dan zouden we namelijk nog kunnen proberen bij te sturen, als we in de gaten krijgen dat het echt mis gaat. De natuur kent echter tal van (vrij) abrupte drastische veranderingen: aardbevingen, tsunami’s, orkanen.
Financiele wetten zijn mensenwerk. De economie is mensenwerk. Natuurwetten per definitie niet. Daarom kun je maar beter proberen ze te doorgronden en ernaar te handelen. Want zo niet, dan zullen we merken dat natuurwetten geen compromissen kennen en ononderhandelbaar zijn. Wie niet horen wil, moet voelen.
In de zeventiger jaren heerste in Latijns Amerika een financiele crisis waarbij de huidige Europese een vacantie-uitje was. De inflatie bedroeg duizenden procenten per jaar. Als mensen hun salaris uitbetaald kregen, renden ze daarmee onmiddellijk naar de dichtstbijzijnde winkel om er koffie, rijst en bonen van te kopen. Tijdens het hollen was hun geld alweer een paar procent minder waard geworden (en de waarde van die goederen steeg tenminste mee met de inflatie). De economische ravage was enorm. Talloze bedrijven gingen ten onder, de menselijke ellende was niet te beschrijven.
Die Latijnsamerikaanse crisis is opgelost. De banken (die lichtzinnig veel te veel hadden uitgeleend zonder deugdelijk onderpand, speculerend op de internationale gemeenschap die ze wel te hulp zou komen –wat deels ook gebeurde: l’histoire se repete…) moesten een flink deel van hun schulden ‘afstempelen’. En inderdaad, de internationale gemeenschap dokte flink ook mee. Met positief resultaat: Brazilie is een van ’s werelds stevigste en snelst groeiende economieen -met een aantal van alle nadelen van dien, overigens, en bovendien is de verdeling van welvaart nog steeds zeer scheef. Maar de samenleving als zodanig staat weer op de rails. Dankzij krachtig beleidsmatig ingrijpen. Afspraken.
Geheel anders ligt dat met de ecologische crisis, waarvan de contouren steeds scherper zichtbaar worden: uitsterven van plant- en diersoorten, uitputting van natuurlijke en minerale grondstoffen, verontreiniging, habitatvernietiging, klimaatverandering. Als daarbij eenmaal ‘tipping points’ zijn gepasseerd, is er geen houden meer aan. En het lastige is, dat niemand weet wanneer of onder welke condities die tipping points zich voordoen. Noch of de ingrijpende gevolgen daarvan zich geleidelijkaan danwel abrupt zullen voordoen. In de praktijk (in ons ‘beleid’) gaan we graag uit van het eerste –want dan zouden we namelijk nog kunnen proberen bij te sturen, als we in de gaten krijgen dat het echt mis gaat. De natuur kent echter tal van (vrij) abrupte drastische veranderingen: aardbevingen, tsunami’s, orkanen.
Financiele wetten zijn mensenwerk. De economie is mensenwerk. Natuurwetten per definitie niet. Daarom kun je maar beter proberen ze te doorgronden en ernaar te handelen. Want zo niet, dan zullen we merken dat natuurwetten geen compromissen kennen en ononderhandelbaar zijn. Wie niet horen wil, moet voelen.
Laatste reactie:
Laatste nieuws






